Noodgeval

‘Oh nee! Ik had me ook wel even mogen scheren!’ foeter ik terwijl ik me omkleed voor een badmintonwedstrijd. Mijn teamgenote kijkt vragend op. ‘Kijk dan, mijn benen!’ mopper ik. ‘Het lijkt wel een wintervacht, zo kan ik toch de baan niet op?’ Volgens haar maakt niemand zich druk om ‘een paar haartjes’, zoals zij ze noemt, maar ik weet wel beter.

scheermesJaren geleden, toen ik nog aan de kunstacademie studeerde, ging ik geregeld met vrienden, huis- en studiegenoten op stap. Een van onze favoriete plaatsen was een eetcafé hier in de stad. Aan het begin van de avond kon je er een goedkope dagschotel krijgen, hoewel die nog steeds te duur was voor mijn studiefinanciering. Later gingen de tafels en stoelen aan de kant en was er op het podium plek voor een dj of band. De vrijgekomen ruimte daarvóór veranderde in no-time in een dansvloer. Heerlijk!

Het was in dat café dat ik op een donderdagnacht met een jongen aan de praat raakte. De volgende avond zou er een supertoffe, maar nog vrij onbekende band komen spelen, vertelde hij enthousiast. Of ik ook kwam kijken? Hij zou dan een biertje voor me kopen.

Als arme student was de belofte van gratis drank en muziek genoeg om mij opnieuw naar de kroeg te trekken. Ik wist niet precies meer hoe de jongen van de avond ervoor eruit zag en kon hem eerst ook niet vinden, maar ik herkende hem direct toen de band het podium besteeg en hij plaatsnam achter de toetsen. Lekkere muzikant, wie koopt nu zijn eigen publiek om? Anderzijds… het werkte wel, ik was er immers.

Het lukte me die avond niet de toetsenist te pakken te krijgen, waarschijnlijk was hij zijn belofte én mij al lang vergeten. Ik raakte wel in gesprek met de lichtman van de band, die me best een paar biertjes wilde geven. Ook goed. Hij leek aardig en ik was snel tevreden.

We kletsten verder op één van de tafels aan de zijkant van de dansvloer. Met onze ruggen tegen de muur keken we naar de wild bewegende kluwen mensen voor ons en langzaamaan schoof de hij steeds dichter naar mij toe.

Op een zeker moment gleed zijn linkerhand, ik weet nog goed dat hij rechts van me zat, onder mijn broekspijp, naar dat smalle stukje net onder de kuit, maar boven de enkel. Ongetwijfeld droeg ik een veel te wijde skatebroek, zoals elke dag in die tijd, dus was het niet moeilijk mijn onderbeen te bereiken.

Terwijl we verder praatten en dronken aaide hij voorzichtig met duim en vingers over mijn huid. Het was vast heel lief bedoeld, maar ik verstijfde en dacht nog maar één ding: Shit! Ik heb mijn benen niet geschoren!

scheermesje

Het kwam vast door de drank dat hij de stoppels niet opmerkte. Heel misschien, in een uiterst geval, voelde hij ze wel, maar kon het hem écht niets schelen, want die lichtman en ik zijn inmiddels al jaren behoorlijk gelukkig met elkaar getrouwd. Mijn beenhaar was dus niet zó’n afknapper dat hij me nooit weer wilde zien.

Ik zou twee dingen geleerd kunnen hebben van die avond. 1) Zorg dat je al-tijd je benen scheert, want je weet nooit wie er ineens aan zit. Of 2) Het is niet erg als er een keer stoppels op je benen zitten, ook dan vinden sommige mensen je nog best aardig.

Jammer genoeg lukt het vaak niet te leren wat ik wil. Met ongeschoren benen sta ik nu dus supergestrest en -chagrijnig in de kleedkamer. Wat zullen de tegenstanders straks denken als ze mijn stoppels zien? Welk onverzorgd beeld wek ik bij mijn teamgenoten? Ik kan zo écht de baan niet op!

Misschien moet ik voortaan, naast sportkleding en een badmintonracket, ook maar een scheermesje in mijn sporttas doen. Gewoon, voor noodgevallen.

3 comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s