Blij

Met een enigszins verhoogde hartslag en licht bezwete handen sta ik te wachten bij de Bäckerei waar we willen ontbijten. De vitrines zijn gevuld met tientallen zoete, hartige en belegde broodjes. Doordat er mensen voor me staan, kan ik ze alleen niet allemaal goed zien. Alvast kiezen lukt dus niet. Maar straks bepalen wat ik wil hebben, als de medewerker me vriendelijk vragend aankijkt, lukt me waarschijnlijk evenmin. Want dan voel ik de druk van alle mensen die achter ons in de rij staan.

Mijn lief weet hoe moeilijk ik dit soort dingen vind en hoe bang ik ben de verkeerde keuze te maken. ‘Je kúnt het helemaal niet fout doen,’ legt hij me geduldig uit. ‘Alle broodjes hier zijn sowieso lekker. Deze zaak ligt vlakbij de Hauptbahnhof en het is hier hartstikke druk. Broodjes die niet goed lopen, hebben ze al lang uit het assortiment gehaald. Het enige waar je op moet letten, is dat je iets zonder kaas kiest, want dat lust je niet.’

Ik weet dat hij gelijk heeft. Elk broodje zal goed zijn. En mocht ik later toch bedenken dat ik graag iets anders wil, dan kan ik dat alsnog kopen. Maar we moeten ook nog koffie kiezen. En een zitplek. Het is zo véél.

Wanneer we aan de beurt zijn, bestelt mijn lief twee Filterkaffees. Fijn, want dan hoef ik daar niet meer over na te denken. Daarna wijst hij een broodje aan met gebakken ei en spek. Dat ziet er goed uit, dus bestel ik er ook één. Verderop liggen broodjes die belegd zijn met sla en kipfilet. Vast ook lekker. Met elke keuze die ik maak, glijdt er een heel klein beetje spanning van me af.

Als we even later met twee volle dienbladen aan een tafeltje zitten, kom ik langzaamaan tot rust. Het lijkt er zowaar op dat het gelukt is een ontbijt samen te stellen. Wanneer ik de eerste hap van mijn broodje ei neem, slaat de twijfel toch nog even toe. Wat voor salade zit daaronder? Lust ik die wel? Had ik toch niet…?

Mijn lief staat op om een vruchtensap voor zichzelf te halen. Of ik ook iets wil? ‘Een jus d’orange graag. En zo’n zoet broodje van de toonbank. Niet dat met chocolade, maar één die links of rechts ervan ligt.’ Al gauw komt hij terug met het gevraagde broodje en een mango-appelsap, want de jus d’orange was op. Ik ben blij. Blij, omdat ik dit ook lekker vind en vooral omdat hij me de stress van nóg een keuze heeft bespaard.

Plaats een reactie