Al in de auto op weg naar Schiphol vertelt mijn lief verlekkerd over de pizza die hij straks wil eten. Op de luchthaven aangekomen zien we echter niet direct een geschikt eettentje, dus besluiten we eerst door de douane te gaan. Verderop zijn vast meer mogelijkheden. Bovendien scheelt het mij tijdstress. Ik vind dat ik daar geen last van heb, mijn lief denkt daar anders over. Waarschijnlijk heeft hij gelijk.
Wanneer wij zelf en onze bagage uitvoerig gecontroleerd zijn, kijken we zoekend om ons heen. We zien veel winkels. Ook etablissementen van McDonald’s, Starbucks en Heineken, maar geen pizzeria. Ik ga me bijna schuldig voelen. Hadden we toch vóór de douane…? Gelukkig valt ons oog dan op The Oven. Dat moet haast wel goed zitten.
Inderdaad. In de vitrine liggen flinke stukken pizza te wachten tot ze besteld en afgebakken worden. Het exemplaar dat mijn lief aanwijst ziet er erg goed uit, maar helaas hebben ze nog maar één van die soort en de andere lijken me niet lekker genoeg. Ik zal mijn maag met iets anders moeten vullen.
Na enig omzwerven kom ik uit bij de Mac. Niet mijn favoriete restaurant, maar soms moet je wat. Ik verdwaal meermaals in het programma van de bestelcomputer, maar na een poosje sta ik toch met een bonnetje in mijn hand te wachten op mijn wrap met patat. ‘1203’ staat er onder aan het briefje, een getal dat in de verste verte niet lijkt op de nummers op het grote scherm. Het komt vast goed, zo houd ik mezelf voor.
Terwijl ik sta te wachten zie ik hoe andere mensen saus bij hun patat bestellen. Dat had ik ook moeten doen, bedenk ik me. Ik loop naar de afhaalbalie om te vragen of ik alsnog saus kan kopen. ‘Natuurlijk,’ zegt de medewerkster en ze overhandigt me een zakje. Ik haal mijn pinpas tevoorschijn, maar daar wil zij niets van weten. ‘’t Is goed, hoor.’
Met de saus in mijn broekzak ga ik verder met wachten. Het duurt wel heel lang voor ‘1203’ op het scherm verschijnt. Voor de zekerheid kijk ik nog eens op mijn bonnetje. ‘2976’ staat er groot bovenaan. ‘1203’ blijkt slechts de restaurantcode te zijn. Weet ik veel.
Ik voel me knullig als ik weer naar de afhaalbalie loop. ‘Sorry,’ stamel ik. ‘Ik had naar het verkeerde nummertje gekeken.’ ‘Kan gebeuren,’ vergoelijkt de jongen die me mijn eten geeft. Ik bedank hem en draai me om terwijl ik een eerste patatje proef.

‘Mevrouw!’ hoor ik dan achter me. ‘Zijn ze nog wel warm?’ ‘Moah,’ antwoord ik eerlijk. Kennelijk lag mijn eten er echt al een poos. Zonder iets te zeggen pakt de jongen een nieuwe portie patat en stopt die in een papieren zak. Glimlachend legt hij hem op mijn dienblad. Ook om mijn lippen speelt een lach. Ik mag dan lopen klungelen met nummers en bestellingen, het personeel maakt vandaag alles goed.