‘Doe ik het zo goed?’ vraag ik. B kijkt naar de yam die ik in reepjes heb gesneden en knikt bevestigend. ‘Very good.’ Tot een paar uur geleden wist ik helemaal niet wat yam is, maar nu staan we samen in de keuken om er een soort patat van te maken.
Vanmorgen gingen we met zijn tweeën naar de stad, B en ik. We struinden door het centrum van Agona Swedru. Terwijl ik haar volgde door de drukte verwonderde ik me opnieuw over alle kleuren, geuren en geluiden. Vanuit kleine winkeltjes verkochten mensen van alles: kleding, bezems, schoenen, fruit, emmers, vis, stoelen, matrassen, groente, tassen, douchegel – wat je maar verzinnen kunt.
B wist echter precies waar we moesten zijn. Ze nam me mee naar een plek waar ik een prachtig gekleurde Ghanese broek kocht. We gingen vele straatjes en zaakjes af op zoek naar voetbalschoenen voor mijn lief zijn zoon. We liepen over de brede weg en namen smalle sluiproutes, om uit te komen op de markt. Daar haalden we ananas, zoete aardappel en yam, een soort grote bruine knol die hier veel gegeten wordt.
Nu staan we in de keuken en krijg ik les in het bereiden van de yam. Met een groot mes haalt B de dikke schil ervan af, daarna snijd ik hem in reepjes en strooi er zout over. Terwijl zij olie op het vuur zet en ui fruit om een soort tomatensaus te maken voor bij de gefrituurde yam, klop ik eieren los en voeg ik verse zwarte peper toe. ‘Is this enough?’ vraag ik. ‘A bit more,’ antwoordt B. De Ghanese beetjes zijn duidelijk groter dan de Nederlandse, afgaande op de hoeveelheid peper die ik even later door het ei roer.
Wanneer de olie heet genoeg is, legt B de eerste yamreepjes erin. ‘Deze frituren we zonder coating,’ legt ze uit, ‘de andere doen we met, zodat je het verschil kunt proeven.’ Ik kijk nog naar de luchtbelletjes op de yam in de pan als B al verder gaat met de coating. Ze mengt bloem met water en voegt daar wat van het gepeperde ei aan toe.
We scheppen de eerste portie yam uit de pan en leggen de nieuwe, gecoate reepjes erin. Ik wil al proeven, maar van B moet ik nog even wachten. ‘They’re too hot!’ waarschuwt ze me. Ik schep wat van de verse tomatensaus op een bord en leg er daarna wat yampatat bij. Mijn lief komt de keuken in en proeft graag met ons mee.
Even later zitten we samen op de bank te smullen van de verse yam. B is nog druk bij het fornuis, maar ik kan nu toch niets meer doen, heeft ze gezegd. Ik steek een reepje in mijn mond en lik mijn vingers af. De kans dat ik thuis yam ga maken is niet erg groot, ik weet niet eens waar ik het kopen kan, maar het is heerlijk eens op deze manier van de Afrikaanse keuken geproefd te hebben.


