Boetevrij

Het is lang geleden dat ik de basisschool via de kleuteringang binnenkwam. Ik voel me dan ook een beetje ongemakkelijk door het gewemel en gekrioel van al die kleine mensen rond mijn benen. Om hen heen bewegen ouders, opa’s en oma’s die helpen met het uittrekken en ophangen van alle jassen, handschoenen en mutsen.

Gisteren ruimde ik de voorraadkast onder de trap op. Twee weken per jaar is die netjes en geordend, daarna wordt het er een chaos van zakken chips, repen chocolade, flessen drank, potjes kruiden, pakken koeken en wat we maar meer bewaren. Lege boodschappentassen liggen er ook. Verjaardagsslingers en inpakpapier. De gymtas van de jongste dochter. Schaakboekjes van de oudste.

Gisteren ruimde ik dus op. Niet een beetje, maar grondig, en daarom haalde ik álles uit de kast. Ik vond een oude yogamat terug. Een wafelijzer waarvan ik niet meer wist dat ik het had. Een bloemenvaas zo groot dat er alleen gladiolen in passen – maar ik loop al jaren geen Nijmeegse vierdaagse meer.

Ook vond ik iets onbestemds. Het zat in een blauwe linnen tas met het oude logo van de basisschool erop. Aan de tas een briefje met de naam van de jongste. Maar wat erin zat? Het grijze plastic bord met gekleurde taartpuntjes aan de zijkant kwam me totaal niet bekend voor. De bijbehorende kaarten met uiteenlopende afbeeldingen evenmin. Waar keek ik naar? Wat kon ik ermee? Waar kwam het vandaan? En vooral: waar moest het naar toe?

Mijn meisje had geen idee. ‘Kinderachtig,’ merkte ze enkel op. En toen ging me voorzichtig een lampje branden. Die tas, dat logo, het naamkaartje… Langzaamaan kwam ik terug in de coronatijd. Mijn jongste zat toen in de kleuterklas en ook zij kreeg ‘huiswerk’ om de dagen door te komen waarop school gesloten was. Zou dit echt uit die periode komen? En zou het dus al vijf jaar ten onrechte bij ons thuis niets liggen te doen?

Mijn dochter was duidelijk toen ik vertelde dat het terug moest naar school: ‘Dat ga ík niet doen, hoor! Veel te beschamend.’

Had mijn meisje gelijk, was het inderdaad beschamend om het spel terug te brengen? Mij deed het juist een beetje denken aan de nieuwsberichten over geleende bibliotheekboeken die pas na tientallen jaren ingeleverd worden. Was dit niet ook zoiets? Niet echt nieuwswaardig natuurlijk, maar het loonde toch wel de moeite het terug te brengen?

En dus sta ik hier nu tussen de kleuters, op zoek naar de juf die ook mijn meisje nog lesgegeven heeft. Ik moet even wachten, er is eerst een vierjarige die zijn verhaal wil doen. Blij verrast neemt de leerkracht dan het spel van me aan. ‘Wat leuk!’ zegt ze. ‘Het is misschien een beetje gedateerd, maar er wordt nog steeds enthousiast mee gespeeld,’ laat ze weten.

Gelukkig, het is dus een goede keuze geweest ermee terug te gaan naar school, ook al is het aan de late kant. Tussen alle kleuters door baan ik me een weg het lokaal uit. Ik glimlach bij de gedachte die me door het hoofd schiet als ik langs de schoolbieb loop: het is maar goed dat ze hier geen boetes rekenen voor te laat ingeleverde materialen.

Plaats een reactie