KLOENK

Hoewel ik alle kleren heb aangetrokken die ik bij me heb, zit ik te rillen in de auto. Buiten is het 5 graden, hierbinnen inmiddels waarschijnlijk ook. Speurend kijk ik om me heen, op zoek naar een geel bestelbusje. Er rijdt van alles langs: auto’s, trekkers en vrachtwagens, maar de ANWB laat nog op zich wachten.

Ik was zo lekker onderweg, had mijn schaatskleding al aan en fijne muziek opgezet. Er was wel wat ander verkeer, maar het was niet echt druk. De snelweg had ik al verlaten, ik was halverwege richting de ijsbaan en zat vrolijk te zingen toen ik ineens een harde KLOENK hoorde.

Ik ben best wat geluiden gewend, maar KLOENK hoor ik niet vaak. Gelukkig maar, want het betekent meestal niet veel goeds. Of het deze keer mee zou vallen, wachtte ik vol spanning af. Ik kneep in het stuur en hoopte vurig dat er niets aan de hand was, maar al gauw voelde en hoorde ik het: de rechter voorband was lek.

Ik draaide de auto de uitrit van een weiland in en belde de ANWB. Na een lang keuzemenu kreeg ik een sms met een link naar een site waarop ik mijn schade kon melden. ‘Wij doen ons best u binnen anderhalf uur te helpen,’ verscheen op mijn scherm. De ijsbaan leek ineens erg ver weg.

Al gauw koelde het af in de auto. Ik haalde mijn extra schaatskleren uit de kofferbak en trok ze aan. Hier zit ik nu. Het wordt alleen maar kouder. Mijn handschoenen kunnen wel aan, maar daarmee kan ik niet op mijn telefoon. Lastig dilemma.

Gelukkig krijg ik een melding met een tijdsindicatie; hulp is onderweg! Ik ben totaal verkleumd als de gele bestelbus in het zicht verschijnt. Ik stap uit om mijn redder in nood te begroeten, hij lacht vanonder zijn donkere wenkbrauwen vrolijk terug. Of ik een reservewiel heb? ‘Volgens mij niet,’ antwoord ik. ‘Volgens mij wel,’ zegt hij. ‘Mag ik even kijken?’ En warempel, onder de extra ruimte onder de kofferbak zit nóg een extra ruimte. Mét reservewiel!

Routineus plaatst de man met het gele hesje een opblaasbare krik. Mijn auto vliegt bijna de lucht in en binnen de kortste keren is mijn lekke band vervangen door het reserve-exemplaar. ‘Dit zijn eigenlijk maar saaie klusjes,’ zegt mijn held wanneer ik mijn bewondering uit. ‘Dan zal ik de volgende keer iets ingewikkelders voor je verzinnen,’ stel ik voor.

Of toch maar niet. Want hoewel ik blij ben dat de Wegenwacht bestaat, heb ik hem liever niet te vaak nodig. Mijn redder stapt weer in en rijdt de ene kant op. Ik kruip ook achter het stuur en ga de andere kant op. Ik zet de muziek weer lekker hard, maar rijd toch wat voorzichtiger. Eén KLOENK op weg naar de ijsbaan is meer dan genoeg.

Eén reactie

Plaats een reactie