Trainen

‘Nou, hier is het. Stap maar uit.’ Mijn lief kijkt me van achter het stuur met twinkelende ogen aan. Lachend, maar toch ook met een vragende blik, kijk ik terug. Meent hij dit? Het lijkt erop dat hij echt niet van plan is verder te rijden zolang ik naast hem zit. Even aarzel ik, dan neem ik een besluit. Nu zal ik lopen ook!

Het was natuurlijk mijn eigen schuld. Na een uurtje winkelen en een drankje in de stad waren we in de auto op weg naar huis toen ik op mijn horloge keek. ‘Oh jee,’ constateerde ik. ‘Het lijkt erop dat ik mijn trainingsdoel vandaag niet haal.’

Mijn lief lachte me uit. ‘Nou, dan train je toch een dag niet?’ Meteen begon ik te sputteren. ‘Maar de laatste weken heb ik élke dag een activiteit geregistreerd in Strava,’ zei ik. ‘En op mijn horloge heb ik al een reeks van meer dan 1500 dagen!’

Het zijn natuurlijk loze statistieken waar niemand iets aan heeft, maar toch. Gelukkig had ik al een oplossing bedacht: ‘Ik stel mijn doel voor vandaag wel bij naar beneden. Dan heb ik het toch gehaald.’ Mijn lief had echter een heel andere oplossing in gedachten. ‘Hoeveel minuten moet je nog?’ vroeg hij. Ik keek op mijn horloge. ‘Twaalf,’ antwoordde ik zonder na te denken.

Had ik dat nu maar wel gedaan, want deze uitspraak had gevolgen. Prompt keerde mijn lief de auto en reed de andere kant op, verder weg van huis. ‘Twaalf minuten,’ rekende hij hardop. ‘Dat is ongeveer een kilometer lopen. Of iets verder, met jouw tempo.’ Schaterlachend zat ik naast hem. Dit zou hij toch niet menen?

Toch wel. Nu staan we stil op een kleine kruising in een woonwijk en sommeert hij me om uit te stappen. Even weet ik niet wat me overkomt, dan open ik het portier. Ik zal me niet laten kennen.

Terwijl ik loop, rijdt mijn lief met geopend raam met me mee. Hij fluit naar me alsof hij me voor het eerst ziet, maakt grappen en heeft bijzonder veel pret. Ik overigens ook. De situatie is bizar, maar ik krijg de grijns niet van mijn gezicht.

Als blijkt dat ik waarschijnlijk ‘te snel’ thuis zal zijn, doet hij een voorstel. ‘Ik rijd naar huis en breng de tassen binnen, daarna wandelen we samen nog een rondje om het blok.’ Ik vind het een prima idee en loop grijnzend door terwijl ik zijn achterlichten kleiner zie worden. Wat is het toch heerlijk om ’s avonds nog even te trainen.

3 reacties

Geef een reactie op Anoniem Reactie annuleren