Opgeruimd

‘Een opgeruimd huis is een opgeruimd hoofd.’ Het is een cliché-uitspraak, maar hij heeft ook een kern van waarheid. En toegegeven: dat opgeruimde hoofd kan ik best gebruiken. Hoogste tijd dus om de knutselkast op te ruimen.

Ik weet dat ik een behoorlijk risico neem door hieraan te beginnen. Het zou immers niet de eerste keer zijn dat ik alles uit de kast haalde en daarna geen zin meer had om verder te gaan. En hoewel het meer dan nodig is dat de inhoud opnieuw gerangschikt wordt, is een goed begin niet altíjd het halve werk.

Eigenlijk vind ik dat de meiden de kast op moeten ruimen. Hun stiften, klei, potloden, verf, lijm en papier nemen immers de meeste ruimte in. Slechts de kaarsen, de batterijen en de handletterpennen zijn van mij. Maar ja, er moet heel wat gebeuren voor ik hen zover heb dat ze een start maken. En ik vrees dat ik al weet wie de klus dan uiteindelijk moet klaren.

Dus open ik de deurtjes zelf en haal ik alles van de planken. Ik ben verbaasd over wat er allemaal door mijn handen gaat: paashazen, kleurboeken, scheikundeproefjes, kinetisch zand, lenzenvloeistof (om slijm mee te maken), spakenkralen, stickers, foamballetjes, veertjes en een dagboek zonder slot. Volgens mij zijn de meeste van deze dingen al jaren niet gebruikt; moeten we echt alles bewaren?

Het liefst zou ik nu rigoureus gaan weggooien. Hup – in de container met al die ongebruikte zooi. Helaas zie ik overal nog kansen en mogelijkheden in en vind ik het zelfs moeilijk om halve velletjes gekleurd papier in de bak te gooien, want wie weet kunnen we er nog eens wat mee. Als weggooien al haast onmogelijk is, hoef ik de term ‘rigoureus’ al helemaal niet op te schrijven.

Ik haal een doekje door de lege kast (het komt er vol glitter uit) en maak me op voor de volgende stap: het inruimen van de planken. Het is zaak dat ik direct doorpak, want als ik nu pauze neem, wordt het nooit meer wat. Ik haal diep adem en kijk om me heen. Waar moet ik beginnen?

Papier en stickers leg ik soort bij soort in de documentenbakjes die ik aan de linkerkant zet. De waxinelichtjes mogen daaronder, boven op een doos met batterijen. Waarom heb ik er daar eigenlijk zo veel van? Dan zijn de knutselspullen aan de beurt, we hebben meer dan we de komende jaren kunnen gebruiken.

Aan tafel test ik de pennen en de stiften. Die het doen mogen blijven, die haperen gaan weg. (Ik kan wél weggooien!) Eigenlijk zou ik de potloden ook een nieuwe punt moeten geven, maar daar heb ik nu echt geen zin in. Met bakken vol goedgekeurd schrijf- en tekengerei ga ik weer voor de kast zitten.

Langzaamaan krijgt alles een plek op de planken. Alleen de dingen die we voorlopig écht niet zullen gebruiken, gaan in een krat naar zolder. Dat ik daarmee slechts problemen verplaats weet ik natuurlijk ook wel. Maar voor heel even zijn ze verholpen, daar gaat het nu om.

Wanneer mijn werk erop zit, doe ik voldaan de deuren weer dicht. Dan valt me op dat er van buitenaf totaal geen verschil te zien is met hoe het was voor ik begon. Niemand kan zien dat ik mijn huis opgeruimd heb, niemand zal weten dat ik heb geprobeerd mijn bovenkamer te ordenen. Dat laatste is overigens ook helemaal niet gelukt, dus wat dat betreft maakt het toch niets uit.

2 reacties

  1. Zo’n krat is niet per se het probleem verplaatsen hoor. Ik hanteer met dat soort dingen altijd dat wanneer ik er een jaar niet naar omgekeken of aan gedacht heb, zo’n krat ( in elk geval de inhoud ) zo in de kliko kan. Dus zie het maar gewoon als nog een begin van opruimen 😉

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie op Berber Bouma Reactie annuleren