Autowasshampoo

Vroeger gaven we mijn vader altijd autowasshampoo voor zijn verjaardag. Niet omdat hij dat nou zo’n leuk cadeau vond, wel omdat het het enige was dat hij ons wist te vragen. Wij onthielden dat en maakten er een soort traditie van. Ongetwijfeld zal ik hem in die tijd wel eens geholpen hebben met het wassen van zijn auto, maar daar heb ik geen actieve herinneringen aan. Ook niet aan het wassen van mijn eigen auto, want daar zijn wasstraten voor.

Vandaag zag ik na het tanken dat ik mijn auto voor slechts een paar euro kon laten wassen. De laatste keer dat hij een sopje had gekregen was zeker een halfjaar geleden, dus leek het mij een goed idee van die aanbieding gebruik te maken.

Mijn auto werd schoongemaakt en ondertussen praatte ik bij met een kennis die op zijn beurt stond te wachten. Terwijl we het hadden over werk, badminton en motorrijden hield hij zijn pinpas voor een automaat en begon met schuimend spul zijn velgen te reinigen. Even vroeg ik me af of dat nodig was – daar was de wasstraat toch voor? – daarna concentreerde ik me weer op het gesprek.

Onderweg naar huis bedacht ik dat ik nu eigenlijk ook zou moeten stofzuigen. Bij mijn ‘eigen’ wasstraat is dat bij de prijs inbegrepen, hier kennelijk niet. Zachtjes zuchtend reed ik mijn auto voor huis en pakte een haspel en de stofzuiger. Pas toen zag ik dat de velgen nog steeds niet schoon waren. Ik zette het apparaat neer en keek eens goed. Was mijn auto te vies of waren de borstels van de wasstraat niet sterk genoeg?

Na een paar zuchtende blikken op de velgen nam ik de stofzuiger weer op en liep door. Toen ik bij het passagiersportier kwam, zag ik dat dat beschadigd was. Was mijn auto vóór het wassen te smerig om de lakschade op te kunnen merken of kom ik gewoon niet vaak genoeg aan die kant van het voertuig? Ik had geen idee.

De buurvrouw kwam toevallig thuis en keek met me mee. Samen stonden we druk te speculeren. Wanneer zou de schade ontstaan zijn? En hoe? Zou er een andere deur langs geschuurd zijn? Van welke kant dan? En uit welke hoek? Even keken we elkaar aan, toen barstten we in lachen uit: ‘Alsof wij verstand van auto’s hebben!’ proestte ze.

Daarna ging ze naar binnen en ging ik met de stofzuiger aan de slag, net zolang tot de binnenkant van de auto weer enigszins toonbaar was. Vervolgens zuchtte nóg een keer en maakte met allesreiniger een sopje. Met een vaatdoek en een spons ging ik de velgen te lijf, maar al gauw werd duidelijk dat ik ze nooit helemaal schoon zou krijgen. Een schuurspons gebruiken durfde ik niet, bang voor nog meer krassen. Terwijl ik aan mijn vader dacht, liet ik een laatste zucht ontsnappen. Had ik nu maar autowasshampoo gehad.

Eén reactie

Geef een reactie op José Muylaert Reactie annuleren