Hordelopen

Afgelopen voorjaar ben ik begonnen met hardlopen. Kortgeleden heb ik daar een dimensie aan toegevoegd en doe ik aan hordelopen. Niet de klassieke variant op de atletiekbaan, maar de alternatieve: met mijn dochter.

Wanneer ze mij in mijn tight, shirt en met loopschoenen in de woonkamer ziet verschijnen, springt dochterlief op. ‘Ga je hardlopen, mam? Mag ik mee?’ Natuurlijk wist ik dat de dag zou komen dat ze op haar fiets met me mee zou willen. Stiekem had ik ernaar uitgekeken en zag ik het al voor me: zij slingerend naast me, net zoals ik vroeger met mijn vader meefietste als hij eropuitging. Dat het zó zou zijn, had ik alleen nooit gedacht.

IMG_9672

Op mijn ‘ja’ spurt mijn meisje namelijk direct naar boven om zich om te kleden. Ze trekt  een andere jurk aan en zet een hoedje op, ‘want dat zijn mijn hardfietskleren’. Om daar aan toe te voegen: ‘Maar als mijn hoed wegwaait, haal jij hem wel voor mij op, hè?’ We zijn de deur nog niet uit, maar de eerste twijfels bekruipen me al.

Mijn idee is te beginnen met een klein rondje, dan zijn we in ieder geval snel thuis als ze het toch niet leuk vindt. Al gauw blijkt haar plan anders dan het mijne. Zij wil de route bepalen en die heeft zo veel mogelijk bochten, heuvels en bruggetjes als ze maar vinden kan. En natuurlijk mag ik haar duwen, wanneer de weg even te steil naar boven gaat.

Soms fietst ze door en moet ik flink aanzetten om haar bij te houden. Vaker treuzelt ze en klaagt ze over vermoeidheid, dan moet ik haar echt aansporen door te gaan. Behalve op de momenten dat Runkeeper aangeeft wat ons tempo is. Dat vindt ze zo mooi dat ze automatisch versnelt. ‘Hoe snel ga jij, mama?’ vraagt ze, zodra de telefoon begint te praten. En direct daarna: ‘En ik? Ga ik sneller?’ Natuurlijk bevestig ik haar daarin. We zijn samen onderweg, maar zij gaat het snelst.

Hordelopen Hardlopen

Die enkele keer dat ik mag bepalen waar we langs gaan – ‘hier rechtdoor, dan oversteken en daarna naar rechts’ – gaat het steevast mis. Dochterlief hoort alleen de laatste aanwijzing en slaat meteen af, waardoor ze bijna tegen een fietser botst. Een andere keer moet ik een sprintje trekken om te voorkomen dat ze zonder uitkijken de weg op fietst. Of een halve kilometer gebukt rennen om haar de heuvel op te duwen omdat we toch weer te ver zijn gegaan.

Hardlopen vind ik na al die maanden nog steeds leuk. Ik probeer verder en sneller te gaan en zo mezelf te verbeteren. Af en toe doe ik een intervaltraininkje. Rennen met mijn dochter blijkt weer een andere soort hardlopen. Het doel ligt niet meer in mezelf, maar in mijn meisje. Elke bocht, brug of tegenligger is ineens een nieuwe horde die ik moet nemen om haar weer veilig thuis te brengen. Alles om eenmaal terug toe te geven dat zij weer nét iets sneller was dan ik.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s